Van harte welkom

Van harte welkom op mijn gedichtenblog.
U mag de gedichten ongewijzigd gebruiken met vermelding van mijn naam.
Voor het verzorgen van een lezing met voordrachten of een workshop kunt u contact opnemen via cobytjeert@live.nl
Er is ook een volledig programma voor Kerst en Pasen.
Mijn boeken zijn verkrijgbaar bij de boekhandel en bol.com en te leen in de bibliotheek.
Mijn boeken zijn nu ook in Aduard te koop bij bloemen en cadeauwinkel "De Monnikskap", Burg. Seinenstraat 62.
De site audiogedichten is gewijzigd in luistergedichten. Vanaf nu te beluisteren op https://www.luistergedichten.nl/index.php/component/comprofiler/userprofile/905-poelman
Iedere maandagmiddag rond 16.15 uur werk ik een aantal minuten mee aan een radioprogramma op http://www.radiowesterkwartier.com en voor wie het ontvangen kan op 105.3 FM
Vanaf juni 2018 ben ik niet meer actief op Facebook.
U kunt mijn gedichten blijven lezen via mijn blogs. In de linker kolom ziet u de links naar meerdere blogs. Veel leesplezier!

zondag 11 november 2018

Mien suntmetinus



“Woar is mien suntmetinus moeke.”
“Op t klaine zollertje, vot om t houkje achter de holten kovver.
Denk om de leste tree, traproeden goan aal lös. Pa mot er neudeg es noar kieken.”
Ik ben al boven. Deur van zoller kroakt.
Der schient n miezereg stroaltje zunlicht deur t roamke aan Wegters kaant.
Keulse potten stoan op n rieg noast n blomtoaveltje met kringen ien t blad.
Au, as k mien suntmetinus pakken wil steut ik mien kop. Weer nait om balken docht.
k Heb hom.
Met suntmetinus ien haand stroekel ik over de leste tree, veur mie nou de eerste, met de lösse traproede. Doar kleddert hai al noar beneden. Ik ken mie nog net vastgriepen aan leuning.
Moeke staait al onder aan trap. “Wat heb ik nou zegd. Gelukkeg is t goud oflopen.”
“Zitten der gain deuken ien mien suntmetinus?”
t Is goud goan. Reinder het hom moakt van n old blik. Hai het er gatjes ien sloagen met n hoamer en n spieker. As keerske aan is schient ien t duuster n meulen en n kerk.
Der zit onderien t blik n stuk holt met n rondje der uutzoagd, doar ken t keerske ien.
Aan n iezerdroadje ken je hom vasthollen mor den krieg je wel verbraande handen.
Wie deden der den n stokje omhen. Zo kon je der met lopen as t 11 november was.
Twai doagen loater waren oma en mien zuster joareg.
Om dizze tied van t joar waren wie aaltied misselek van alle lekkers wat wie oplopen haren.
Doar kwamen den ook nog gebakjes overhen.

Suntmetinus staait nou bie mien schoonzus ien koamer veur de pronk.
As k hom stoan zai komt mien kiendertied weer boven.
k Huf der nait ains trap veur op.

Coby Poelman - Duisterwinkel


donderdag 1 november 2018

Zoveel lieve mensen in Groningen


In een lekker zonnetje fiets ik met stevig opgepompte banden in een lekker tempo naar de stad. Onderweg haal ik nog iets voor bij de koffie en een klein uurtje later notuleer ik op de vergadering. Na de vergadering fiets ik naar de bloedbank om voor de 36e keer bloed te geven. Omdat het middagpauze is eet ik nog even een banaan en op verzoek van de bloedbank nog een bolletje met kaas en een beker cup a soep. Na de donatie nog een kop thee met een gesuikerde koek. Denk erom hoor, de thee is kokend heet.  Ik doe rustig aan, heb alle tijd.
Als ik denk dat het verantwoord is vervolg ik mijn fietstocht om naar huis te gaan. In de Sint Jansstraat voelen mijn benen wat zwaar en als ik de hoek van de Martinikerk om ben en bij de bushaltes langs fiets begin ik me licht in het hoofd te voelen. Dus toch nog niet verantwoord om te gaan fietsen. Ik stap meteen maar af omdat ik aan voel komen dat ik een veilige plek moet zoeken. Op het trottoir leun ik op mijn fiets.  Mijn ongewone gedrag begint op te vallen. Een vrouw vraagt of het wel goed met me gaat. Als ik aangeef dat ik me duizelig voel wijst ze op een hekje bij het gemeentehuis. Ga daar even zitten anders. Ik doe wat ze zegt en dan gebeurt er opeens heel veel. Iemand zegt zullen we de beveiliger roepen? Een ander vraagt me mijn fiets los te laten. Twee sterke mannen ondersteunen mijn beide armen en schuiven een rolstoel onder me zodat ik kan gaan zitten.
Ik vraag naar mijn tas die in mijn fietstas zit. De vrouw geeft me die op mijn schoot, samen met mijn fietssleutels. Ze heeft overal al voor gezorgd. Ik word het gemeentehuis ingereden en iemand heeft 112 gebeld. O nee, asjeblieft, er hoeft geen ambulance komen, ik heb bloed gegeven, het komt zo wel weer goed. Ik zeg dat het altijd goed gegaan is met bloedgeven en dat het al de 36e keer was. Dat de weg helde en ik dus wat meer kracht moest zetten maar op tijd ben afgestapt omdat ik voelde aankomen dat het niet goed ging. De jonge man kijkt heel ernstig en vertelt in zijn mobiel dat ik het verhaal goed kan navertellen en dat er ook weer meer kleur op mijn wangen komt. De ambulance komt voorlopig niet tenzij toch nodig. Ik krijg een bekertje water en nog een.
Iemand zegt dat mijn ogen nu weer helder kijken en vraagt of ik van de rolstoel naar de bank kan lopen. Dat lukt. Op de bank krijg ik nog een kop koffie en voortdurend houdt men mij in de gaten. Vooral de beveiliger blijft continue in de buurt.
Dan komt hij naar me toe en zegt dat ik toch echt even buiten kennis geweest ben. Toen ik op dat hekje zat is mijn hoofd achterover tegen de muur gebotst en ik had niet gereageerd op een paar vragen. Mocht ik op die plek hoofdpijn krijgen dan weet ik waar het van komt. Dat heb ik inderdaad niet gemerkt. Ik blijf nog ongeveer een uur op het bankje zitten, bel mijn man en app onze kinderen en mijn zussen en iemand van de vergadering.
Ondertussen krijg ik van een vrouw een koekje en nog een kop koffie van de beveiliger. Ik zeg tegen hem dat ik naar de supermarkt om de hoek ga om wat mueslibolletjes te halen. Als ik een toilet zoek en er een vind die op slot is staat hij al weer achter me met de sleutel, de beveiliger, om me erin te laten. Als ik ga bedank ik hem voor de goede zorgen en wandel naar de supermarkt. Buiten eet ik mijn bolletjes op, pak de fiets en loop voor de zekerheid met de fiets aan de hand naar de bieb. Daar komt mijn man me halen en fietsen we samen naar huis.
Aan al die lieve mensen in de stad Groningen wil ik zeggen: Wat een schatten zijn jullie, heel hartelijk dank voor al jullie goede zorgen. Ik weet niet wie de vrouw is die mijn fiets op slot zette, ik weet niet wie de jongeman is die 112 belde, ik weet niet wie mij naast de beveiliger nog meer heeft ondersteund en in de rolstoel heeft gezet maar één ding weet ik wel, jullie hebben een hart van goud! En dat geldt ook voor al die lieve mensen op de bloedbank. Ik kom gewoon weer geven hoor, zal dan van te voren even iets meer eten en wat eerder.

Coby Poelman - Duisterwinkel, gebeurtenis rond 14.00 uur op 31 oktober 2018

maandag 15 oktober 2018

Jacobskruiskruid


Bermen langs de snelweg
kleuren groen en geel,
boeren kleuren als de bermen.
Waar geel het land kleurt
rond een overall
wacht de veestapel op stal.

Coby Poelman - Duisterwinkel

woensdag 10 oktober 2018

Diploma - uitreiking


Veelkleurig schilderen we
delen van het leven,
een groot vlak sociaal
boven het cultureel,
door ’t hele doek
zien we onszelf verweven,
hier iets te weinig,
daar weer iets te veel.

Het sociale buigt zich
naar de ander over,
het culturele haalt
het anders in de ander boven,
ziet het ontplooien in verrassend
tot een gouden zonneboog.

Zo komen we tot de voltooiing,
zo vliegeren we naar omhoog!

Coby Poelman - Duisterwinkel


Schilderij boven van Jo van Wiggen

Gepubliceerd in de bundel "Strijklicht van violen"

Een gedeelte uit dit gedicht is gebruikt door kunstenaar Toni Burgering en verwerkt tot een kunstobject voor de Erasmus-universiteit in Rotterdam.

https://www.1001gedichten.nl/gedichten/73246/diploma-uitreiking/

http://cobypoelman.blogspot.com/2018/09/leuk-nieuws-2.html

vrijdag 5 oktober 2018

Spaanse griep

Ze was nog maar een peuter
toen eerst haar vader,
tien dagen later
moeder stierf.

Haar broertje,
een flinke kleuter,
begreep het ook nog niet.
Opeens was oma moeder,
altijd in het zwart,
zwijgen was gewoon.

De zware fotodoos,
keer op keer geopend,
spreekt droefheid,
tekent tijd.
In hun gezichtjes
mist het kind.

Boven verledenfoto’s
ontdekt haar dochter
steeds meer gelijkenis,
herleeft in haar
de jong gestorven moeder.

Coby Poelman - Duisterwinkel